Willem III droomde van een baroktuin die Versailles zou overtreffen

In 1686 stond Willem III van Oranje op het balkon van zijn nieuwe paleis Het Loo en keek uit over lege Veluwse heide. Wat hij zag was niet de kale werkelijkheid, maar een visioen dat groter was dan zijn eigen ambities: tuinen die de pracht van Versailles zouden overtreffen, fonteinen die hoger zouden spuiten dan die van de Zonnekoning, en parterres die de wereld zouden tonen dat de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden niet onderdeed voor welk koninkrijk dan ook. Het zou het meest ambitieuze tuinproject worden dat Nederland ooit had gekend, en tegelijkertijd een van de meest tragische verhalen van vergankelijke schoonheid.

De aanleiding voor deze grandioze plannen lag in de politieke realiteit van die tijd.Willem III was niet alleen stadhouder van de Republiek, maar ook koning van Engeland geworden na de Glorious Revolution van 1688. Hij had machtige vijanden, met Lodewijk XIV van Frankrijk voorop, en hij begreef dat macht niet alleen op het slagveld werd getoond, maar ook in de tuinen van je paleizen. Versailles was Lodewijk's ultieme machtssymbool geworden, een statement in buxus en marmer dat de wereld moest overtuigen van Franse superioriteit.

Het Loo zou Willem's antwoord worden. Niet zomaar een jachtslot met wat bloembedden, maar een complete barokwereld waarin elke laan, elke fontein en elke pergola een boodschap uitstraalde: hier woont een vorst die de moeite waard is. De ironie wilde dat Willem, om zijn Franse rivaal te overtreffen, een Franse tuinarchitect zou inhuren,Daniel Marot , een hugenoot die na de herroeping van het Edict van Nantes zijn vaderland had moeten ontvluchten.

Ontwerptekening van Daniel Marot voor de baroktuin van Paleis Het Loo
Een Franse vluchteling hielp Willem III een tuin bouwen die Frankrijk moest overtreffen.

Terwijl Willem zijn plannen smeedde, vonden in hetzelfde decennium aan de andere kant van de wereld gebeurtenissen plaats die de loop van de geschiedenis zouden bepalen. In China consolideerde de Qing-dynastie haar macht onder keizer Kangxi, en de thee-export naar Europa bereikte ongekende hoogten, een luxe die binnenkort ook in de salons van Het Loo zou worden geserveerd. De wereld kromp samen door handel en diplomatie, en Willem begreep dat zijn tuin een podium moest worden voor deze nieuwe internationale verhoudingen.

Daniel Marot bracht de Franse tuinkunst naar Nederland met grote uitdagingen