Laatst liep ik door Montmartre en zag een vintage poster van een groene fee die uit een glas danste. Absint, de drank die ooit heel Parijs deed sidderen, was het onderwerp van die betoverende afbeelding. Wat begon als medicijn, eindigde als de meest gevreesde substantie van Europa.

In de schemering van het fin de siècle Parijs gloeide een groene vloeistof in de glazen van café-bezoekers. Absint, de drank der dichters en schilders, beloofde inspiratie maar leverde waanzin. Terwijl het Suezkanaal werd geopend en Darwin zijn evolutietheorie de wereld inschudde, transformeerde deze mysterieuze vloeistof de Parijse bohème in een theater van extase en verval.

De bittere oorsprong van alsem in de geneeskunde

Het verhaal begint niet in de cafés van Parijs, maar in de oude wereld van kruidengeneeskunde en botanische tradities, waar alsem al duizenden jaren werd gebruikt als medicijn. Artemisia absinthium, de wetenschappelijke naam van alsem en de bittere sleutelplant achter het absintrecept, dankt zijn benaming aan de Griekse godin Artemis, beschermvrouwe van de jacht en maagdelijkheid. Het Latijnse 'absinthium' stamt af van het Griekse 'apsinthion', wat letterlijk 'ondrinkbaar' betekent, een profetische naam voor een plant die later miljoenen zou betoveren en vernietigen.

Al in de oudheid kenden Egyptische priesters de kracht van alsem. Papyri uit 1600 voor Christus beschrijven hoe de plant werd gebruikt tegen maagwormen en koorts. De bitterheid van alsem was spreekwoordelijk, zelfs in de Bijbel symboliseert het droefheid en verdriet. De transformatie van geneeskruid naar genotmiddel begon in de 18e eeuw, toen Pierre Ordinaire, een Franse dokter in ballingschap, in het Zwitserse Val-de-Travers een elixir ontwikkelde. Zijn recept combineerde alsem met anijs, venkel en andere kruiden, een groene tinctuur die hij aanprees als wondermiddel tegen alle kwalen. Het recept kwam in handen van Henri-Louis Pernod, die in 1805 de eerste commerciële absintdistilleerderij oprichtte in Pontarlier, Frankrijk.

Absint verovert het Parijse caféleven

Vanaf 1850 verspreidde absint zich als een lopend vuurtje door de Franse cafés. Arbeiders dronken het als goedkope opkikker na een lange werkdag, maar het waren vooral de kunstenaars die de drank omarmden. Dichters als Paul Verlaine en Arthur Rimbaud zwoeren bij het groene goud, dat hen naar eigen zeggen toegang gaf tot een hogere werkelijkheid. Schilders zoals Henri de Toulouse-Lautrec en Vincent van Gogh vereeuwigden de absintdrinker in talloze werken.

Absintdrinkers in een Parijs café tijdens het fin de siècle
In de Parijse cafés werd het groene glas een ontmoetingspunt voor arbeiders, dichters en kunstenaars op zoek naar ontsnapping en inspiratie.

Het ritueel rond het drinken van absint

Het drinken van absint was een waar ritueel, dat later bekend werd als 'la verte heure' of het groene uur. Een zilveren lepel met een suikerklontje werd boven een glas absint geplaatst, waarna men er langzaam ijskoud water over schonk. De vloeistof troebelde en werd melkachtig, een effect dat 'louche' heet, en de zoetheid van de suiker maskeerde de bittere alsem. Dit ritueel gaf de drinker het gevoel deel uit te maken van een exclusieve, bijna geheime cultuur, ver weg van de alledaagse realiteit.

De populariteit van absint groeide exponentieel, met een piek in 1910 toen de Fransen jaarlijks 36 miljoen liter dronken. Cafés in heel Parijs hadden speciale absintglazen en -lepels, en de drank was overal verkrijgbaar, van chique etablissementen tot eenvoudige buurtkroegen. De groene fee werd een symbool van de moderne stad, een drank die zowel de verfijning als de duisternis van het fin de siècle belichaamde.

Het verbod op absint en de mythe van de groene fee

Al snel ontstond het fenomeen 'absinthisme', een verzameling symptomen zoals hallucinaties, toevallen en waanzin, die men toeschreef aan de drank. Artsen en moraalridders waarschuwden dat absint de Franse natie verzwakte, en in 1905 zorgde een gruwelijke moord in Zwitserland voor de definitieve ommekeer. Een boer genaamd Jean Lanfray vermoordde zijn familie na het drinken van twee glazen absint, hoewel hij ook veel wijn had gedronken. De pers richtte zich echter op absint als de boosdoener, en de roep om een verbod werd steeds luider.

De stof thujon, een natuurlijke chemische verbinding in alsem, werd aangewezen als de oorzaak van de waanzin. Thujon werkt in op de GABA-receptoren in de hersenen, wat kan leiden tot overprikkeling, maar de concentratie in absint was vaak te laag om zulke effecten te veroorzaken. De mythe van de groene fee, een hallucinogene geest die uit het glas danst, werd versterkt door kunstenaars die hun creatieve uitspattingen aan de drank toeschreven. In werkelijkheid was het vooral het hoge alcoholpercentage, tot 70 procent, dat de drinker in een roes bracht.

Absintglas met alsem en groene fee voor louche-effect tijdens traditioneel ritueel
De groene fee groeide uit tot een krachtige mythe, terwijl vooral het uitzonderlijk hoge alcoholgehalte achter de beruchte roes schuilging.

In 1915 werd absint in Frankrijk verboden, en andere landen volgden snel, waaronder Nederland in 1910 en de Verenigde Staten in 1912. Het verbod duurde bijna een eeuw, tot de Europese Unie in de jaren 1990 de beperkingen versoepelde. Sindsdien is absint weer legaal verkrijgbaar, zij het met een beperkt thujongehalte, en beleeft de drank een bescheiden revival onder liefhebbers van historische cocktails.

De erfenis van absint in de moderne tijd

Moderne distillateurs in Frankrijk en Zwitserland produceren opnieuw authentieke absint volgens oude recepten, zonder de overdreven mythes. De drank wordt nu vooral gewaardeerd om zijn complexe kruidensmaak, met tonen van anijs, venkel en alsem, en niet om hallucinogene effecten. In Parijs kun je nog steeds een traditioneel absintritueel ervaren in gespecialiseerde bars, zoals La Fée Verte in de wijk Montmartre.

De erfenis van absint is onuitwisbaar in de kunst en literatuur van de 19e en 20e eeuw. Van de schilderijen van Pablo Picasso tot de gedichten van Charles Baudelaire, de groene fee blijft een symbool van de bohémiencultuur en de zoektocht naar creatieve vrijheid. Het verhaal van absint herinnert ons eraan hoe een eenvoudige plant, alsem, een hele stad kan betoveren en veranderen, en hoe mythes vaak krachtiger zijn dan de werkelijkheid.